Behandeling van ziekte van Crohn

Hoe wordt de diagnose ziekte van Crohn gesteld?
Vaak gaat een lange periode van onzekerheid, wisselende klachten en veel onderzoek vooraf aan het stellen van de uiteindelijke diagnose van de ziekte van Crohn.

Bij vermoeden van een chronische darmontsteking zal de internist of maag-darm-leverarts (MDL-arts) een patiënt lichamelijk onderzoeken. Daarnaast is verder onderzoek nodig om de diagnose te stellen.

De volgende onderzoeken kunnen worden gedaan:

  • Bloedonderzoek
    Met bloedonderzoek wordt onderzocht of er sprake is van bloedarmoede en een ontsteking. Ook kan de arts met bloedonderzoek vaststellen hoe de lichamelijke conditie en voedingstoestand zijn.
  • Ontlastingsonderzoek
    De ontlasting wordt onderzocht om bacteriële infecties uit te sluiten.
  • Beeldvormend onderzoek
    Onderzoek zoals een endoscopie, echografie en een CT-scan of MRI-scan.

In de meeste gevallen wordt de diagnose ziekte van Crohn gesteld door middel van een kijkonderzoek (endoscopie). Bij een endoscopie van de darm wordt de binnenkant van de darm bekeken met behulp van een endoscoop. Een endoscoop is een flexibele slang met een lampje en camera.

Tijdens een endoscopie kan een stukje weefsel uit de wand van de darm worden genomen. Dit heet een biopsie. Dit stukje weefsel wordt onder de microscoop onderzocht. Dit is nodig om de diagnose te kunnen stellen.

Klachten en symptomen bij de ziekte van Crohn
De klachten en de ernst van de klachten kunnen per patiënt erg verschillen. Onderstaande klachten komen vaak voor bij de ziekte van Crohn:

  • Dunne ontlasting of diarree, vaak met bloed en slijm
  • Buikpijn
  • Koorts
  • Soms verstopping
  • Bloedarmoede
  • Gewichtsverlies
  • Vermoeidheid
  • Achterblijvende groei bij kinderen en tieners
  • Wondjes, fistels en abcessen, vaak rond de anus
  • Vernauwingen in de darm

Vernauwingen in de darm kunnen ontstaan door de vorming van littekenweefsel op plekken waar zweren en fistels ontstaan. Deze vernauwingen kunnen klachten veroorzaken als pijn en problemen met de ontlasting zoals verstopping. Op den duur kan zelfs een darmafsluiting (ileus) ontstaan.

Het verloop van de ziekte kan erg verschillen per patiënt. Sommige mensen hebben af en toe klachten, terwijl anderen regelmatig heftige aanvallen krijgen. Een ziekteaanval wordt ook wel een opvlamming genoemd of een actieve periode.

Complicaties bij de ziekte van Crohn
Is de ziekte actief dan kan het voorkomen dat er ook andere klachten optreden, zelfs buiten het darmkanaal. Hierbij deze complicaties op een rijtje:

  • Aften; kleine zweertjes in de mond
  • Gewrichtsaandoeningen (5-40%); pijnlijke, gezwollen gewrichten van met name knieën, ellebogen, enkels en polsen
  • Huidafwijkingen (9-23%); pijnlijke, blauwrode plekken op de huid, meestal van de onderbenen;
  • Oogontstekingen; bijvoorbeeld uveitis of episcleritis
  • Leverziekten
  • Gal- en nierstenen
  • Botontkalking

Behandeling
Om de klachten als gevolg van de ziekte van Crohn te behandelen krijgt u medicijnen voorgeschreven. Helaas kunnen medicijnen de ziekte van Crohn niet genezen en alleen de symptomen verminderen.

Bij het voorschrijven van medicijnen wordt onderscheid gemaakt tussen een inductie- en onderhoudsbehandeling. Een inductiebehandeling heeft als doel de actieve ontsteking te verminderen; een onderhoudsbehandeling heeft als doel het opvlammen van de ziekte te voorkomen.

Indien de klachten toenemen en de patiënt onvoldoende reageert op een behandeling met medicijnen is het in sommige gevallen nodig om een operatie uit te voeren. Verderop in de tekst, na de toelichting op de verschillende medicijnen, wordt toegelicht wat er bij een operatie gedaan kan worden.

Medicijnen
Met medicijnen is het mogelijk om de ontstekingen te remmen en de klachten te onderdrukken. Tevens moeten de medicijnen voorkomen dat er nieuwe ontstekingen ontstaan. Daarom moeten de medicijnen meestal gedurende langere tijd ingenomen worden. Ook in een periode wanneer de patiënt weinig of geen klachten heeft. Dit is van belang om te voorkomen dat de ziekte opnieuw opvlamt. Sommige patiënten zijn door medicijnen zelfs (bijna) klachtenvrij.

De werking van de medicijnen kan per patiënt verschillen. Daarom is het meestal een kwestie van uitproberen welk medicijn voor een patiënt het beste werkt. In sommige gevallen duurt het een tijd, voordat het beste medicijn voor de patiënt ‘gevonden’ is.

Onderstaande groepen medicijnen worden voorgeschreven bij de ziekte van Crohn:

  • Milde ontstekingsremmers (mesalazinepreparaten)
    Deze remmen de ontstekingen in de darm en voorkomen nieuwe opvlammingen. Mesalazine, sulfasalazine en olsalazine zijn veel gebruikte ontstekingsremmers.
  • Krachtige ontstekingsremmers (corticosteroïden)
    Deze remmen de ontstekingen in de darm, maar hebben vaak ook heftige bijwerkingen. Meestal worden deze ontstekingsremmers zo kort mogelijk voorgeschreven tijdens opvlammingen. Bekende corticosteroïden zijn prednison, budesonide, methylprednisolone en beclometason.
  • Afweer onderdrukkende medicijnen (immunosuppressiva)
    Deze medicijnen remmen het afweersysteem waardoor er minder ontstekingsreacties ontstaan en opvlammingen worden voorkomen. Deze medicijnen worden vooral voorgeschreven bij ernstige ontstekingen en als de hierboven genoemde ontstekingsremmers niet goed werken. Omdat afweer onderdrukkende medicijnen opvlammingen kunnen voorkomen, worden deze medicijnen vaak voor langere tijd voorgeschreven als een onderhoudstherapie. De belangrijke immunosuppressiva zijn;
    – methotrexaat
    – mercaptopurine
    – azathioprine
    – ciclosporine
  • TNF-blokkers
    Een speciale groep van afweeronderdrukkende medicijnen zijn de TNF-blokkers. Deze medicijnen blokkeren (remmen) het stofje TNF, dat een belangrijke rol speelt bij het ontstaan van ontstekingen. Meestal schrijft de arts TNF-blokkers voor als alle andere medicijnen niet of onvoldoende helpen. Voorbeelden van TNF-blokkers zijn infliximab, adalimumab, vedolizumab.
  • Antibiotica
    In sommige gevallen schrijft de arts antibiotica voor, zoals ciprofloxacin of metronidazol, om klachten door bacteriële overgroei te verminderen.
  • Diarreeremmers
    Diarreeremmers kunnen de diarreeklachten verminderen maar helpen niet tegen de ontstekingen. Voorbeelden van gebruikte middelen zijn galzuurbindende harsen (colestyramine, colestipol) of loperamide.

Afhankelijk van uw klachten krijgt u soms ook nog andere medicijnen voorgeschreven. Dit zijn bijvoorbeeld: medicijnen tegen bloedarmoede, botontkalking of vitaminepreparaten.

Operatie
Een operatie kan nodig om een ernstige vernauwing van de darm te verwijderen of het laatste gedeelte van de dunne darm en het begin van de dikke darm weg te halen. Men kan ook een fisteloperatie uitvoeren of een abces insnijden. Soms is het noodzakelijk een tijdelijke of blijvende kunstmatige darmuitgang aan te leggen (een stoma). Bij de ziekte van Crohn opereert men zo spaarzaam mogelijk. Toch wordt minimaal 50-70% van alle patiënten met de ziekte van Crohn een keer in het leven geopereerd.

(Online) bronnen: mlds.nl; Richtlijn Diagnostiek en Behandeling van Inflammatoire Darmziekten bij volwassenen – Nederlandse Vereniging van Maag-Darm-Leverartsen 2009; crohn-colitis.nl; med-info.nl